Gehackt

Hackers op de kust. Op twee bestanden na hebben ze mijn hele server leeggeplunderd. Als wilde hyena’s stortten ze zich op een afgezonderde antilope: dit sierlijke weblog. Eigenlijk viseerden ze de website voor mijn bijberoep. En via die weg kwamen ze ook hier terecht. Of op mijn ftp-server. Weet ik veel. Wat ik wel weet is het volgende:

  • Dat er iets fameus lekte, zoals bij alle standaard-installaties van WordPress.
  • Dat hackers niet opgeven. Ook niet als je hen een zielige mail stuurt waarin je hen droogweg meldt dat je een bronstige blonde merrie bent.
  • Dat hackers geïrriteerd raken als je er niet meteen wat aan doet. Ze beginnen vrij onschuldig, maar eindigen nogal rigoureus. En ze zijn met steeds meer.
  • Dat ik naïef ben geweest. Wie gaat er nu mijn site hacken? Antwoord: hackers met scan-programma’s. Ad random.

Ondertussen maakte ik kennis met het verschijnsel ‘defacement‘. Dat ziet er ongeveer zo uit.

Later dropte een andere hacker zijn eigen index.html-bestand in mijn root directory. Er zit wel een lijn in: ze proberen er allemaal even vervaarlijk uit te zien. En ze zijn zo kwaad, meneer. Enfin, zo kijken ze toch.

Ik heb alles offline gehaald, omdat ik geen tijd had.

Wat kan je doen? Wel, je kan je blog gewoon eerst laten lek schieten. Zoals ik. Maar je kan beter voorkomen. Dus…

  • Installeer altijd de laatste updates van WordPress en van je plugins. En pas op met die plugins! Sommigen zijn zo lek als een zeef.
  •  Kies lange, gebruiksonvriendelijke paswoorden. Een key generator doet het werk perfect.
  • Neem regelmatig een back-up. Zonder back-up was het afgelopen met dit weblog.
  • Zet je bestanden niet over met ftp, maar met sftp. (secure ftp)

Tot slot een paar links met truken die me hebben geholpen. Gepruts met ht.acces-bestanden en dergelijke…. Niet alleen voor de liefhebbers dus.

Hardening WordPress

14 ways to prevent your WordPress blog from being hacked 

Je website beveiligen tegen WordPress-hackers

Nog meer tot slot: als je weet waar je hackers zich bevinden, blokkeer dan eens een heel land. Zo gaapt er sinds kort een gigantisch gat in de Saudische cultuur, maar het zal Allah worst wezen.

2011 … 2012

Ik wil niet zeuren, maar 2011 was hoe dan ook een beetje een kutjaar. Zo, dat lucht op.

Zat de crisis er voor iets tussen? Fukushima? Of de dood van Amy Winehouse? Nope. Te ver van mijn bed. Navelstaren vergt weinig moed, maar is des mensen. En het toegeven is tenminste puur en eerlijk. Misschien red ik ooit nog de wereld. Of de Brugse Poort. Wie zal het zeggen? Ach, wat telt -en pas op, nu knallen de clichés in plaats van vuurpijlen- zijn de mensen die dicht bij je staan. Pater Damiaan, ja zelfs Luc Versteylen, had het ook al begrepen en krijgt meer dan ooit gelijk.

2011 begon nogal slecht met de brutale dood van een goede vriend. Een mokerslag was het, in alle betekenissen van het woord. 2011 eindigde ook niet zo best. December bleek immers de kers op de taart; vader zit met de grote ‘k’. Ongeloof slaat al snel over in hoop.  Hoop dat het allemaal goed komt. Kerstavond kreeg alvast een heel nieuwe dimensie, alsof de melancholie nog niet genoeg present gaf. Ik weet het; iedereen verliest vroeg of laat zijn ouders. Maar ik nog niet, pa. Over mijn lijk.

Het besef van je eigen sterfelijkheid nodigt ook niet meteen uit tot een viriele vreugdedans. Tenminste, als je het gevoel hebt dat je er tot dusver niet echt veel van gebakken hebt en de crème au beurre maar blijft schiften. Ik heb me ooit voorgenomen om geen voornemens meer te maken. Fuck it. In 2012 wil ik weer méér doen wat ik graag doe en goed doe. Zo, da’s drie keer ‘doe’ in één zin. Dat belooft een waanzinnig productief jaar te worden. Of niet. En oh ja, natuurlijk wil ik ook weer stoppen met roken en overmatig bierverbruik. Zoals elk jaar. Dat spreekt voor zich.

Gelukkig 2012 trouwens.

Bloggen en/of microbloggen

Niets … zelfs geen lethargische letter. Helemaal niets. Niet op deze plek, niet op facebook, laat staan op Twitter. Het schrijversblok hangt als een molensteen om mijn nek. Al een paar maanden.

Lezen ja, dat dan nog net. Maar wat moet een mens met die diarree aan onwrikbare meningen en maakbare keukens? Ik kijk ernaar en denk in het beste geval: ‘het zal allemaal wel’. Over het slechtste geval wil ik het niet eens hebben.

Als blogger valt het ook niet mee om consequent te blijven. Je solliciteert als het ware naar een egotrip. Tenminste, in de ogen van de nuchtere waarnemer. Want zeg nu zelf: wie gooit er nu zijn halve leven op het internet? Of zelfs maar een fractie? Juist: het soort mensen dat zichzelf interessant genoeg waant. Misschien kan je ook maar beter vrede nemen met veronderstellingen. Of stoppen.

Terug naar de basis dan maar. Waarom bloggen?

  • Omdat bloggen doet schrijven, en dat schept voldoening.
  • Omdat schrijven ook een vak is, en oefening nog altijd de beste kunst baart.
  • Omdat een blog een creatieve speeltuin is als je graag knutselt met WordPress, CSS, PHP, …

Voila, probleem opgelost! Weg schrijversblok.

Continue reading ‘Bloggen en/of microbloggen’

Kruispunt

Richt een camera tien minuten lang op een druk kruispunt, en ziedaar een filmpje!

Noem het gerust een poging tot time-lapse. Normaal doe je zoiets met een spiegelreflexcamera en intervalmeter. Heb ik (nog) niet. Met de handycam gaat het ook, maar dat ding dient natuurlijk om te filmen. En niet om foto’s te maken. En dat zie je.

Waarom dan geen time-lapse van een flard film? Omdat je een heel ander effect krijgt. Met vegen enzo. Auto’s lijken plots geesten, en Halloween is nog twee weken ver. Tenzij je gaat knoeien met instellingen als deinterlace, resample e.d… Maar elk nadeel … Bewegingen ogen plots een pak minder vloeiend. Springerig zelfs. Misschien ook wel een kwestie van smaak. Enfin, oordeel vooral zelf.

Continue reading ‘Kruispunt’

‘Voor de zekerheid’

Nog vier maanden en het zit erop. Mijn contract bij de unief.

Dat geldt niet alleen voor mij, maar ook voor die zeven collega’s. Aan alle mooie liedjes komt een eind. (Aan de lelijke ook trouwens.) Als projectmedewerker zonder project rest alleen het zwarte gat. Voor even toch. Hoe gaan mensen daarmee om? Dat varieert. Sommigen zwoegen voort alsof ze zich in een tijdloze capsule bevinden. Bij anderen slaat de stress ongenadig toe.

Solliciteren dus. Dat begint dan bij het afschuimen van de interne vacactures. En dan valt het hoge woord: ‘statutair’. De natte droom van elke verstokte ambtenaar. Waarom statutair? ‘Voor de zekerheid!‘, klinkt het enthousiast uit de mond van een vrouwelijke collega. Het gebeurt niet vaak dat een ambtenaar enthousiast klinkt. Het gebeurt überhaupt niet vaak dat N. klinkt. Pas op, een echt werkpaard! Dat wel. Zeker naar ambtenarennormen. Maar vraag vooral niet buiten de doos te denken.

Het moet zowat de tweede keer zijn dat N. iets zegt deze week. En het is alweer vrijdag. De repliek van een ancien klinkt gevat:  ‘Ja maar, onzekerheid is toch de crème fraîche van het leven?’  Zo, die zit. Ik filosofeer nog even dat de enige zekerheid van het leven de eindigheid van dat leven is. De dood, la mort, el muerte… Gelukkig kan ik me nog net op tijd inhouden. Het is per slot van rekening bijna weekend. Bovendien zou ook dat weinig indruk maken. De rekken moeten gevuld, de keuken afbetaald, en het pensioen bijeengespaard. Voorspelbaarheid is immers de boterham van het leven. Je moet ’m verdienen.

A’pen in Duitsland

Had ik al iets gelost over die dolle week vakantiepret in juli? Nee dus.

Er viel een klets regen in het zuiden bij den Duits. De camping dreigde weg te spoelen. Blijft een camper drijven? We zullen het nooit weten. Maar altijd beter dan een tent. Dat dan weer wel.

Bovendien was het er vaak koud. Bitterkoud. Dat heeft dan weer meer met de hoogte te maken. (Schluchsee ligt op meer dan 1000 m.) Barbecue in de kou en in de wind, en in de koude wind. Tegen beter weten in.  Het lijkt een schoolvoorbeeld van menselijke stugheid. Al zouden holle HR-managers er evengoed kwaliteiten als volharding en vastberadenheid in herkennen. En kippenbouten garen lang, geloof me.

Soit, Duitsland dus. Sommige dingen veranderen nooit. Dat het eten er nog altijd niet te vreten valt bijvoorbeeld. Schnitzel met gebakken ajuin en vette patatten. Vet, vetter, vetst. Zelfs de meest ranzige diner  in de steets durft die meuk niet serveren. En dat het er eigenlijk verdomd toeristisch is. Mijd Cochem en Heidelberg alsjeblieft. Je loopt er over koppen, en het stikt er van de Hollanders. Even rustig verpozen aan de oever van de Rijn zit er ook niet meteen in. Een agressieve zwaan met territoriumdrang lijkt het te menen, en dreigt uit te halen.  Beschamend. Zwanen zijn kutbeesten, en zwanenmeren boerenbedrog.

Was alles dan kommer und kwell? Absoluut niet. In Titisee-Neustadt zit een exquis Italiaans restaurant. Met echte Italianen enzo. Freiburg bleek bovendien een gezellig stadje. Ze krijgen er binnenkort de paus op bezoek, en zijn daar schijnbaar heel erg fier om. En de natuur toont zich euh… heel erg groen. In de zon had het er allemaal nog iets fraaier uitgezien. Maar ach… We genoten tenminste één dag van van een schuchter zonnetje op de Feldberg.

Op de laatste dag zijn we verkleumd de grens overgevlucht ter hoogte van Straatsburg, en de zon begon gelijk te schijnen. De Fransen waren er zelfs vriendelijk. Volgende keer gaat het misschien wel meteen richting Alsace. We proefden er immers wijn, en die smaakte naar meer. Veel meer.

Feesten: aflevering drie

Jaargang drie van de feesten heeft een aanvang genomen. Het zijn er natuurlijk meer dan drie, maar als nieuwe Gentenaar beleef ik ze voor de derde keer. Tunnelvisie, zeg maar.

En dat ik er voor de verandering eens geen zin in heb.

Toch maar even een wandeling maken. Naar de Beersteeg (sic.) voor dat Cirq-gedoe bijvoorbeeld. Als ik aan de inkom arriveer, ebt mijn goesting al weg. Ik spot net iets te veel kroostrijke dertigers die iets uitstralen à la ‘Kijk eens hoe hip wij zijn!’ en ‘Hebt ge ons gezien? We zijn erbij!’ Vorig jaar sokken, nu helmen. So what? Gemaakt. Geforceerd. Gehyped.

Nee, laat maar ongelooflijk zitten. Ik denk even terug aan die openingsavond van DOK, en aan die kudde schapen die hier wat verder op de Coupure graast. En waarom niet eens een marathon-avondje The Wire inlassen? Met een lekker streekbiertje of zo…

Ach, het nieuwe is er af. Been there, done that, etc… En het weer nodigt niet echt uit tot feesten.Of ik word gewoon oud en saai, of een echte Gentenaar. Eén die volgend jaar voor de volle tien dagen met de zuiderzon vertrekt.

Kerstradio

Te weinig tijd en te veel begrafenissen. En het is alweer bijna kerstmis. Tijd voor iets luchtigs: een radioprogramma van een quartet staminees. Met dank aan de huissponsor. (Vedette of zo).

Eén uur lang kerstplaten waarvan u het bestaan wellicht niet afwist. En misschien maar goed ook…

Nep-coureur

Lap. Ze zijn daar weer … de nep-coureurs. Een vroege lente en een koers op tv: meer hebben ze niet nodig om zich in hun supergeile lycra-pakjes te hijsen.

En ze zijn met veel.
En ze gaan snel.
Maar vooral … ze wijken niet.

Nee, dat moeten wij doen. ‘Wij’ zoals in ‘recreatieve voetganger of fietser’. Voor wie ontspanning niet gelijk staat aan prestatie.

Zon en asfalt? O jee. Daar gaat de nep-coureur. Eén van de minder aangename neveneffecten van goed weer. Zoals wespen op een appeltaart, of muggen op een bezwete bast. Of eenzaamheid aan de toog.

Tegenwoordig durven ze ook al eens een mountainbike berijden. Afgelopen zondag terroriseerde er ééntje wandelaars rond de vijver in Merelbeke. Een wat oudere vrouw beleefde de schrik van haar leven toen ze bijna van haar sokken werd gereden. Ze beet ei zo na in het zand. Letterlijk. Ik vroeg mij luidop af of het een beetje zal gaan. Heel even leek hij verhaal te komen halen. Niet dus. Mijn madam vroeg zich ondertussen af of het beetje zal gaan met mij. Ik zeg: nog liever dooie vogel dan struisvogel.

Continue reading ‘Nep-coureur’

Expo ‘Amerika, dat is ook onze geschiedenis’

Geen woord -wat zeg ik- geen letter over het aandeel van de Nederlanden in de ontstaansgeschiedenis van Amerika. Zoiets kan alleen in Brussel. In de Tour & Taxis om een site een site te noemen.

Ik zeg: ge moet maar durven.  Ok, het waren de Fransen, Engelsen, en Spanjaarden die een hoofdrol wegkaapten.

Maar toch.

New York heette niet voor niets ooit Nieuw Amsterdam, en bleek in het begin van de zeventiende eeuw de hoofdstad van Nieuw-Nederland. Yankee zou van Jan-Kees komen, en Roosevelt bleef apetrots op zijn Nederlandse roots.  Niks van dat alles in ‘Amerika, dat is ook onze geschiedenis’. Want de Nederlanden, dat is blijkbaar niet langer de geschiedenis van Brussel.

Het was overigens mijn Nederlandse wederhelft die het geschiedkundige hiaat al na vijf minuten opmerkte. En wat later bleek dat niet eens zo gek. Iemand had een bordje tekst aangevuld met de woorden ‘en de Nederlanden’.

Nog vijf weken exposeert Tour & Taxis over Amerika en een stuk van Europa. Overigens best interessant. Het parcours bestaat uit een mooie mix van nieuwe en oude media. Er staan maquettes, touchscreens, poppen, enz… En je kan ook op maandag gaan. Doen. En neem een bos tulpen mee of zo…