Monthly Archive for april, 2009

Page 2 of 2

Wielertoerist

Ik kom noodgedwongen even terug op de Gentse hoffelijkheid waarvan sprake in het stukje ‘Gentenaren’. Nuances zijn soms het mislukte dessert waardoor het hoofdgerecht ineens een pak bitterder smaakte. Vandaag werd ik in het verkeer immers uitgescholden voor ‘onnozele zot’ door een nepcoureur.

Eerst even het referentiekader van de agressor schetsen. Het verschijnsel gelegenheids- of vrije tijdscoureur tiert bij het priemen van de zon en het uitzenden van de eerste koers op tv weer zo welig als een zwerm vliegen op een stront. De vergelijking is niet toevallig gekozen, dat begrijpt u wel. Het gaat dan meestal om prestatiehaantjes die zich na een dag op kantoor in een carnavalesk koerspakje hijsen, en er als een gek vandoor trappen in de waan dat ze –al is het maar voor heel even- Stijn Devolder of Tom Boonen zijn. In werkelijkheid zouden ze zelfs in de eerste de beste kermiskoers een belabberd figuur slaan, maar toch meent de lycrarijder dat alles en iedereen moet wijken voor zijn aanstromend fietstalent. Zo ééntje kruiste vandaag mijn pad, en dat kruisen werd bijna botsen. In het centrum van de stad, vlakbij de Dampoortstraat, een bocht afsnijden aan minstens 40 km/u en dan een argeloze nieuwe Gentenaar tegenkomen die blijkbaar een éénrichtingsstraat is ingereden op zijn fiets: het zal je maar overkomen. Dan ga je dus schelden, want een bel heb je niet op je fiets van 1.000 euro. 

Kijk, waar veel verkeer is gebeuren fouten. Want het zijn mensen die het verkeer sturen. Daar moet je op bedacht zijn, en op anticiperen. En als het dan toch fout loopt kost een minimum aan beleefdheid geen geld. Zeker geen 1.000 euro. Ook niet in Gent. 

Continue reading ‘Wielertoerist’

Commercie

Opmerkelijk: de website van de naar ‘t schijnt legendarische maar jammerlijk ter ziele gegane Patisserie Bloch blijft gewoon online als aandenken aan Bloch. In Gent was handel voeren tot nu toe soms meer dan alleen maar platte commercie. Tot nu toe, want ook dat lijkt met enige vertraging te veranderen. De nieuwe IKEA is de grootste van Europa, en het is slechts een kwestie van tijd of ook in het Gentse centrum ‘ben je toch niet gek’ en is ‘gierig plezierig‘. Kortom, Gent ligt minstens vijf jaar achter op Antwerpen. Al lijkt dat in deze context misschien eerder een troef dan een tekortkoming…

Wild van fietsen…

De krant Het Nieuwsblad/De Gentenaar publiceert haar tweede ‘fietspadenrapport’. De teneur is er één van gemiste kansen: ‘Fietsen nog altijd een lijdensweg’. Ook Gent ontsnapt niet aan de fietspadenmalaise. Het Dampoort-kruispunt staat op 4 in de top 5 van slechtste fietspaden van Vlaanderen. ‘Horror aan de Dampoort’ kopt de krant in kwestie met veel gevoel voor drama. 

Toen ik Gent leerde kennen deed ik dat vooral in de auto, en dat was bepaald geen pretje. Laverend tussen een legertje fietsers werd ik bijwijlen een beetje ‘wild van fietsen’. En dat mag je gerust letterlijk nemen. Toen verkeerde ik immers in de naïeve veronderstelling dat Gent de natte droom van elke fietser moest zijn, ook al regende het geen oude wijven. Nu, één jaar later, ben ik vooral fietser en weet ik wel beter.  Schots en scheef liggende kasseien, alomtegenwoordige tramsporen, en het simpelweg ontbreken van duidelijk afgebakende fietspaden: er is nog werk aan de fietswinkel in Gent. Fietsen in Antwerpen is ook niet altijd een zegen –probeer het maar eens in de Nationalestraat- maar bijlange nog niet zo erg(erlijk) als in pakweg de Gentse Papegaaistraat

Veelgehoorde commentaar van Gentenaren in het verweer luidt: ‘Vergeet niet dat het hier vijftien jaar geleden nog stonk en zwart zag van de smog!’. Akkoord, Rome is ook niet in één dag gebouwd en Beke is wellicht het beste wat Gent ooit is overkomen. Geduld is een schone deugd. Maar in Antwerpen is het comfortabeler fietsen. Voorlopig toch. Volgende keer… de voetpaden!

Fietsen op eigen risico, zeker na een fikse regenbui...

De Papegaaistraat: fietsen op eigen risico, zeker na een fikse regenbui...

Krab gespot

krabIn al die jaren Antwerpen heb ik heel wat levende beesten gespot, maar nooit een krab. Jammer van de beeldkwaliteit -de foto is met de GSM getrokken- maar als je goed kijkt zie je haar contouren. Ze was daar overigens niet alleen, in totaal ging het om een vijftal krabben. Ook een bezoekje brengen? Slechts één adres: de oevers van de Gentse Muide.

Conversaties bij de Gentse middenstand

Omdat Gentenaren toch niet echt tuk zijn op Antwerpenaren heb ik de eerste weken in Gent de neiging mijn accent enigszins te camoufleren. En dus bestel ik 150 gram kip curry, twee lamskoteletten en een gepelde biefstuk in mijn beste AN. ‘Ha, u bent niet van hier hee?’ Waarop ik de welbespraakte slager aan de Gasmeterlaan enigszins betrapt aankijk met schaapachtige blik: ‘Nee, ik ben niet van hier. Klopt.’ Waarop hij dan weer verrassend: ‘Limburg zeker?’.  Slik. Niet dat de waarheid de sfeer bederft. Ik krijg als Antwerpenaar annex nieuwe Gentenaar de rijke geschiedenis en het ambachtelijk karakter van ’s mans beenhouwerij voor de kiezen. 

Zelfde verhaal min of meer bij een Jimmy B-lookalike in de Noordstraat: de besnorde kapper Patrick. ‘Niet van hier hee?’. Zucht. Omdat ik toch liever Antwerpenaar dan Limburger ben heb ik immers besloten wat meer mezelf te zijn. Het blijkt een goede zet, want Patrick heeft een vrouw –mét wolwinkel!- die ook uit Antwerpen afkomstig is. Uit het pittoreske Deurne of all places zelfs. Patrick blijkt vooral een aversie tegenover allochtone Gentenaren met een kleurtje te koesteren na jaren trouwe dienst: ‘k laote kik nie mee mein kluute rammele!’.

In het frietkot (aan de Waldamkaai) word ik meteen met de etiquette des huizes geconfronteerd. Zeg in Gent nooit ‘curryworst’ tegen een frikandel! De liederlijke uitbater staat in het dampende frietvet vol overtuiging en hevig gesticulerend te verkondingen dat Gent geen culinaire cultuur heeft. Ik ben al lang tevreden als mijn frikandel naar een curryworst smaakt.