Lap. Ze zijn daar weer … de nep-coureurs. Een vroege lente en een koers op tv: meer hebben ze niet nodig om zich in hun supergeile lycra-pakjes te hijsen.
En ze zijn met veel.
En ze gaan snel.
Maar vooral … ze wijken niet.
Nee, dat moeten wij doen. ‘Wij’ zoals in ‘recreatieve voetganger of fietser’. Voor wie ontspanning niet gelijk staat aan prestatie.
Zon en asfalt? O jee. Daar gaat de nep-coureur. Eén van de minder aangename neveneffecten van goed weer. Zoals wespen op een appeltaart, of muggen op een bezwete bast. Of eenzaamheid aan de toog.
Tegenwoordig durven ze ook al eens een mountainbike berijden. Afgelopen zondag terroriseerde er ééntje wandelaars rond de vijver in Merelbeke. Een wat oudere vrouw beleefde de schrik van haar leven toen ze bijna van haar sokken werd gereden. Ze beet ei zo na in het zand. Letterlijk. Ik vroeg mij luidop af of het een beetje zal gaan. Heel even leek hij verhaal te komen halen. Niet dus. Mijn madam vroeg zich ondertussen af of het beetje zal gaan met mij. Ik zeg: nog liever dooie vogel dan struisvogel.





