Archive for the 'Mensen' Category

Studenten geen meerwaarde voor Gent

En ik zal u zeggen waarom.

  • Ze jatten elke fiets. Zelfs al priemt je arendsblik hen in de rug, dan nog durven ze onbeschaamd je fiets opeisen. Als je hen als een strenge schoolmeester annex brutale legerofficier waarschuwt, beginnen ze zo’n beetje puberaal te lachen. De eerstvolgende die nog maar aanstalten maakt om mijn fiets te jatten, vat ik bij de kraag en smak ik in ware Naturel Born Killers-stijl tegen het asfalt. Tot bloedens toe. Want trop is teveel.
  • Ze jatten elke rugzak of handtas mee. Ook al bevat die niets meer dan een boek, een lege thermos, een verouderde MP3-speler, en wat papieren van op het werk. Je verwacht je spullen de volgende dag terug te zien, want wie steelt nu zoiets? Antwoord: studenten.
  • Ze jatten alles wat los staat. Zelfs al gaat het om een verkeersbord voor mindervaliden. Geen respect, geen moraal.

De drogredenen waarmee stelende studenten hun gedrag proberen te vergoelijken zijn werkelijk om van te kotsen. Drogredenen genre ‘Ik steel alleen oude wrakken die al eens gestolen zijn’ of  ’Ik leen alleen maar fietsen.’

Vanuit studentikoos oogpunt is dingen jatten blijkbaar de normaalste zaak van de wereld, om niet te zeggen de norm. Een veralgemening natuurlijk, want het gaat hopelijk maar om een minderheid. En ze zijn bovendien ook zélf slachtoffer. Initiatieven die tegen de stroom in varen verdienen dan ook alle lof.

Maar studenten een meerwaarde voor de stad? Ik dacht het niet. Echt niet.

Mens, erger je

Er zijn twee groepen mensen waar ik mij wel eens aan erger hier in Gent. Nuja, het zijn er wel meer eigenlijk -je bent een filantroop of je bent het niet- maar West-Vlamingen zijn nu éénmaal buiten categorie. Die bedoel ik dus niet.

Toeristen. Ik weet het: ze zijn goed voor de commerce, maar ze zijn met steeds meer. En ze luisteren ook almaar vaker naar tot de verbeelding sprekende namen als Henk of Jaap. Tot daar aan toe. Veel erger vind ik het feit dat ze als een kieken zonder kop over straat slenteren. Meestal met HD-camera in de aanslag. Ik had er laatst bijna ééntje op mijn fietskader gespietst. En ja, ik weet dat je stapvoets moet fietsen in een voetgangerszone. Maar toch… En ondertussen maar morren over de werken in de binnenstad. Zij wonen er niet eens.

Studenten. Ze heten een verrijking -lees: troef- voor de stad. Maar is dat wel altijd zo? Als ik ‘s morgens vroeg langs de Graslei fiets na een vroege lentedag ligt die erbij als een sloppenwijk van Calcutta. We zijn ook jong geweest, maar een beetje respect voor die prachtige historische binnenstad zou toch echt geen kwaad kunnen. Me dunkt. Of ben ik nu een ouwe zeur aan het worden? Maar dat is niet alles. Frituren die volgepakt staan met studenten zijn ook al niet te pruimen. Zeker als ze allemaal een bestelling beginnen afdreunen, zodat het wachten net iets langer duurt.

Als klant in Gent

Gezocht: een huisarts in Gent city die niet contactgestoord en/of onbeleefd is. Ik heb hem of haar nog niet niet gevonden in het afgelopen jaar. In het eerste geval kreeg ik  bijna geen oogcontact laat staan een comfortabel gevoel. De tweede vond het zelfs niet de moeite om mij te begroeten, en was ronduit onvriendelijk.

Dat je een nummer bent bij de dokter, daar kan ik nog inkomen. Dat je als dokter(spraktijk) geen enkele moeite doet om dat te camoufleren, dat is even wennen na dertien jaar Antwerpen. En eigenlijk kan je de lijn doortrekken naar de hele middenstand. Van bakker tot beenhouwer, van flik tot friturist. Over mijn kapper natuurlijk geen slecht woord, maar die is dan ook al een halve eeuw getrouwd met een Antwerpse. Maar serieus: een heel klein beetje commerciële geest zou toch echt geen kwaad kunnen. Een mens heeft daar deugd van. Echt waar. Geloof me nu maar.

Gent gastvrij?

De laatste maanden heb ik meer dan eens de relevantie van apeningent.be in vraag gesteld. Want zeg nu eens eerlijk: Vlaanderen is een scheet groot en waarover hebben we het dan in godsnaam? Maar dan gebeurt er weer iets dat me dit nicheblog doet koesteren als ware het een dozijn Stella’s op een zaterdagavond. Dan gaat het plots om méér dan zomaar een uitlaatklep. Want verbijstering laat zich soms beter kanaliseren met een laptop in de schoot.

‘Maar gij zijt precies niet van Holland hee?’ wou een strop van middelbare leeftijd van me weten. Het was in één van betere Italiaanse restaurants van de stad, alwaar ik met een paar geïmmigreerde Nederlanders (waaronder mijn vriendin) gezellig zat te dineren. Aanleiding tot de conversatie met onze buren bleek een oorworm in de ruccola, maar dat is weer een heel ander verhaal.

‘Nee, ik ben van Antwerpen’ flap ik er schijnbaar onbezonnen uit. Ik had beter moeten weten.

‘Oei, van Antwerpen!’, klinkt het. De man trekt daarbij een gezicht alsof iemand ‘m zonet bevolen heeft een emmer stront op te vreten. Er komt een hele discussie van, want ik ga natuurlijk ook niet zomaar mijn roots verloochenen. Dat spreekt voor zich. Ik probeer ‘m nog duidelijk te maken dat ik nooit een Antwerpenaar heb ontmoet die iets tegen Gentenaren heeft. En dat ik bovendien in Gent ben geboren. En wat een exquise serie Flikken wel niet was. (sic.) En om kort te gaan: dat ik het wel naar m’n zin heb in Gent. Maar het mag allemaal niet baten, want ik ben een Antwerpenaar. Een vuile Antwerpenaar.

Continue reading ‘Gent gastvrij?’

Hollanders

‘Nodig eens een éénzame uit met kerst’ heet in Gent ‘nodig eens een Hollander uit tijdens de Gentse Feesten’. Met veertien naar een Amerikaans steakhouse. Hell yeah! Kan het nog meer cliché? Nederlanders zijn dan ook de Yankies van Europa. Niet echt een aanrader trouwens dat steakhouse op de Vrijdagmarkt, maar dat geheel terzijde.

Ik was eigenlijk vergeten hoe verschillend Nederlanders zijn. Diegenen die boven de Moerdijk blijven wonen wel te verstaan. Een beetje druk. En commercieel… ‘En? Heb je al een netwerk?’ Tot drie keer toe op één avond. Toe maar. Voor een Nederlander ben je dan ook vooral wat je doet. Veel meer nog dan in Vlaanderen. Of het moest zijn dat Nederlanders gewoon minder rond de pot draaien en minder hypocriet zijn. Of misschien zijn ze wel veeleer geïnteresseerd i.p.v. onverschillig. Dat kan ook allemaal.

Ook opvallend is dat die kezen ‘België’ –want van de communautaire tegenstellingen hebben ze geen kaas gegeten- allemaal geweldig vinden. Zo lekker Bourgondisch. En gewoon lekker. Ja, lekker! In hun euforie van het moment slaat het anders zo typerende Oranjegevoel ook al gauw om in afvalligheid. Nederland blijkt plots een –excusez le mot- kutland. Ach, het gras is soms wat groener onder de Moerdijk.

Vrijgezellengroep

In wat ik ondertussen ook ‘mijn’ stamcafé mag noemen zijn vrijgezellengroepen niet welkom. Ze worden vriendelijk doch kordaat de deur gewezen. De huispolitiek. Al jaren. Gisteren was het weer van dattum, maar meer nog dan hun voorkomen sprak vooral hun reactie tot de verbeelding.

‘Jamaar, wij komen wel helemaal van Antwerpen naar hier!’

Wat zeggen ze nu weer over olie en vuur?

De allochtoon en de jeanet

Gisteren schreef ik op feestboek het volgende:

F.C. kreeg van een strak gecoiffeerde Noord-Afrikaan in zwarte tweedehands-BMW te horen dat hij een jeanet is, en besloot daarop een Gini Lemon te nuttigen op het terras van een homo-café.

Het is maar de halve waarheid, maar daarom heet zoiets dan ook ‘microblogging’. Geen ruimte voor detail dus. Onze gekleurde, machoïde medemens in kwestie vond het immers nodig om te claxonneren omdat mijn lief tussen –en dus niet rechts van- de tramsporen reed. Het was in een éénrichtingsstraat die naar het Gravensteen leidt. Waarop ik enigszins aangespoord door een tropisch klimaat op non-verbale wijze mijn mening duidelijk maak. Geen middelvinger, maar eerder een gebaar in de trant van ‘wat is ’t joeng?! Hij stopt net iets te plots, en het scheelt geen haar of ik vlieg door zijn achterruit en beland met slokdarm op zijn versnellingspook. Terwijl zijn vriendin naast hem laat merken dat ze eveneens niet is opgezet met het gedrag van haar chauffeur, lees ik hem nogal kordaat de levieten. Dat is hij duidelijk niet gewoon; een autochtoon die zich geen schrik laat inboezemen door iemand als hij. ‘Als hij’, dat wil zeggen: irritante, allochtone mentaal-gehandicapte die zich laat opmerken door een agressieve rijstijl in een gedateerde BMW met veel te luide maar vooral foute muzieksmaak en latent gebrek aan respect voor vrouwen. Even zie ik de ontreddering in zijn expressie, maar die slaat al gauw over –of wat had u gedacht?- in agressie. Ik denk even dat hij me van repliek gaat dienen, hetgeen in zekere zin ook zo is, maar die repliek blijkt nogal weinig doordacht. ‘Euj… jeanet!’, klinkt het met licht Antwerps accent. Een verlichte geest, zoveel is duidelijk. Eén met de herseninhoud van een eekhoorn. Bijvoorbeeld. Even lijkt het erop alsof hij gaat uitstappen of me gaat aanrijden. Daar moet je altijd op bedacht zijn, het zou mogelijk niet de eerste zijn. Ik kalmeer en besluit niet verder te reageren, aangezien ’s mans opmerking zodanig stereotiep is dat ze lachwekkend wordt. Behalve dan in het machoïde hoofd van het mannetje dat dommigheid cultiveert als boer Charel koeien. Maar leg maar eens uit wie boer Charel is. Ik ga even ‘afkoelen’ op het eerste het beste terras. Het blijkt waarachtig een holebi-café.

Tip

Tip aan de toog van een in Gent geïntegreerde Bruggeling:

‘Als ze me willen treiteren omdat ik een West-Vlaming ben, vraag ik hen wat ze ‘t liefst hebben. Een West-Vlaming of een Turk?’

Visser vangt vis

‘Vogels in ‘t stadhuis, vissen in de Schelde’ luidde ooit de verkiezingsslogan van een Antwerpse politica met terminale blos. In de daarop volgende jaren heb ik geen vis zien zwemmen in ‘t Scheld, laat staan een visser vissen aan de oevers van de stroom. In Gent ligt dat blijkbaar anders, of het moest zijn dat Gentse vissers minder resultaatgericht zijn. Niet dus…

Portus Ganda

Deze kalende knakker haalde het klein grut met regelmaat van de klok uit het water. Gespot naast de brug aan het einde van de Dampoortstraat.

Antwerpenaren en West-Vlamingen…

Hiep hiep hoera! We hebben onze eerste google-bezoeker beet. Op zich niks bijzonders, ware het niet dat de zondagse paasziel in kwestie hier terecht kwam met de zoekterm ‘Antwerpenaren luidruchtig’. Què?!

Op diezelfde zoekpagina overigens ook deze boeiende discussie, wat doet vermoeden dat het nooit meer goedkomt tussen Antwerpenaren en West-Vlamingen. Nuance: tussen West-Vlamingen in West-Vlaanderen en Antwerpenaren. Enfin, dat vind ik er dan weer van…